Oorsprong

Samoerai

 

 

 

 

 

 

Volgens een oud verhaal sprak Keizer Napoleon zijn bewondering uit toen hij hoorde dat een Oost Aziatisch land, ondanks dat het heel klein was, zijn onafhankelijkheidstrijd zonder wapens probeerde te winnen. Dat landje welk gelegen is ten zuiden van Japan, vroeger genoemd het Koninkrijk van de Ryukyus, en nu bekend als de Okinawa Prefectuur, is het geboorteland van karate. Het is niet bekend wanneer er voor het eerst karate werd beoefend op Okinawa. Het is altijd strikt geheim beoefend. Er is geen enkel schrift waarin melding wordt gedaan van deze geheime trainingen.

Er waren twee situaties in de Ryukyuan historie waarin wapens door de overheid in de ban werden gedaan. De eerste was ongeveer 5 eeuwen terug en de tweede een tweehonderd jaar later. Echter,  deze twee verboden hebben geen belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van het karate.

Het eerste wapenverbod was tijdens de zogenaamde periode van de Federatie van Drie Koninkrijken. (Dit is waarschijnlijk een legendarisch verhaal wat terug te vinden is in het boek van de Chinees Ba Kin, de Carmeilia Sprookjes van de halve maan). Tot aan het begin van de vijftiende eeuw waren de Ryukyus verdeeld in drie onafhankelijke koninkrijken. Deze waren genaamd Chuzan, Nanzan en Hokuzan. Elk wilde over de ander regeren, tot uiteindelijk Chuzan er voor zorgde dat deze koninkrijken werden verenigd in één koninkrijk, onder de koning Sho Hashi de Grote ( 1372-1439). Onmiddellijk na de vereniging stelde hij een niet-militaire overheid in. Na die tijd werden scholen gesticht om het analfabetisme te bestrijden. Hij stelde een wapenverbod in, dit hield ook in dat men zelfs niet in het bezit van een wapen mocht zijn. De volgende twee eeuwen beleefden zij een aanhoudende vrede. In 1609 werden zij aangevallen door militaire heersers van Satsuma, een eilandengroep ten zuiden van Ryukyu onder leiding van Shimazu. Zij waren ervan overtuigd dat de Ryukyus hun eigendom waren. Dit gebeurde tijdens de Japanse Sengoku periode (Burgeroorlog 1467 – 1568).  

Katana

Simazu kreeg dit land snel in handen, en wederom werden wapens in de ban gedaan. Alleen de adel en hogere klassen mochten wel wapens dragen en gebruiken. De meeste historici zijn er van overtuigd dat in deze periode het karate, een unieke vorm van het wapenloos gevecht, is gecreëerd. Vóór deze periode werd het ongewapend gevecht wel beoefend, maar een echte noodzaak was er toen niet.

Okinawa dreef in die periode veel handel met Zuid-China (Fukien). Een logisch gevolg daarvan was dat het Chinese Kenpo (vuistmethode) in Okinawa werd geïmporteerd. Het Kenpo  kende vele stijlen die ontwikkeld zijn door kloosters en families, nu ook wel Kungfu genoemd. Het karate in die tijd kende eigenlijk twee oude vormen, het To-de en Okinawa-te.

De geschiedenis van de Chinese vechtvormen en vechtkunsten gaat meer dan zesduizend jaar terug. Er wordt gezegd dat gedurende de periode dat de Gele Keizer aan de macht was (Huang-ti ca 2700 v. Chr.) China werd aangevallen door barbaren met zwaarden zo scherp als scheermessen. Echter de Chinese strijders konden ze weerstaan aangezien zij geschoold waren in het vechten. Er waren toen drie oude scholen die primitieve vechttechnieken onderwezen. Deze werden generaties lang doorgegeven. Weinig daarvan is op schrift gesteld. Zo’n 1000 jaar later werden deze technieken verbeterd door twee grote scholen de Shang Wu en het Shaolin. Van de Shaolinschool wordt gezegd dat deze haar ontstaan vindt in het Shaolinklooster in het Noorden van China. De monniken aldaar deden veel aan meditatie en om redenen van gezondheid, zelfverdediging en lichaams beweging ontwikkelden zij de oude primitieve technieken tot effectieve technieken. Rondom dit klooster zijn vele verhalen en legendes. Een kern van waarheid zal er wel inzitten. Het Shaolinklooster was volgens de legende gesticht door Ta-Mo Lao-tse (Bodhidharma vert. Sanskriet). De Shaolin stijl kenmerkte zich door de praktische uitleg van hand en voet technieken. Er was een samenhang tussen, harde, zachte, lange en korte technieken. De Sang Wu stijl was een zachte stijl, het hedendaagse T’ai ch’i stamt er rechtstreeks vanaf. Het is dan ook meer een gezondheidsleer dan een vechtkunst. Deze twee stijlen zijn over geheel China verspreid. Uiteindelijk werden deze oude vormen via zee- en handelslieden overgebracht naar de Ryukyus, waar het hoogst waarschijnlijk werd gemixt met daar ontwikkelde en bestaande methodes.

Social Media

Je kan veel tegenstanders bevechten en daarvan winnen. Je kan beter de kunst gebruiken om mensen te helpen aan hun leven invulling te geven.

— André Brockbernd (@Dokandojo) Twitter

Klik hier voor meer tweets, volg de Sensei op Twitter....

Skype Me!
Gebruik
Skype
en bel ons gratis.

Leden
Zoeken