image_pdf

Op zondag 24 maart 2019 was Jaap Smaal sensei in mijn dojo om een karatestage te leiden. Dat Jaap sensei continue met karate bezig is bleek. In de week voor deze stage was Jaap sensei in Taiwan op uitnodiging van de president van de Taiwanese Karate Federatie, waar hij onder meer karatestages leidde in Taipei. Elke dag gaf hij gemiddeld aan 200 karateka vijf uur karatelessen.

Om half zeven kwam hij aan op Schiphol en reisde gelijk door naar mijn dojo in Zeist. Ik heb het wel eens eerder geschreven dat ik het heel bijzonder vind dat Jaap sensei ondanks zijn zeer druk bezette agenda ook in Zeist komt om inspirerende stages te geven.

De eerste training, die toegankelijk was voor dangraadhouders en de kyugraad karateka behandelde hij het kata Goju Shiho Sho. Gedeeltes uit de bunkai kwamen aan bod en het gebruik van de juiste timing was de boodschap die Jaap sensei ons gaf. Tijdens de tweede sessie, de masterclass voor zwarte banders, konden we weer eens proeven van het kata Unsu. Er bleken nogal wat verschillen te zijn in de uitvoering zoals het “hoort” en zoals dat op wedstrijden wordt gedoogd. Jaap sensei liet ons ook kumitevormen doen waarbij we extra moesten opletten op de juist uitvoering van de technieken, een juiste lichaamshouding en uiteraard de juiste timing. Ook herinnerde Jaap sensei ons er nogmaals aan dat wijlen Kase sensei de fudo-dachi alleen gebruikte bij de aanval of tegenaanval. Het kihon lopen in fudo-dachi is nooit de bedoeling geweest. Jaap sensei gaf zelf aan dat je al zijn uitspraken en beweringen kon checken. In casu zie ik regelmatig op internet video’s van wijlen Kase sensei, en het klopt wat Jaap sensei zei.

Het was weer een mooie dag gevuld met karate van Jaap sensei. Dank je wel Jaap, en ook dank aan alle deelnemers waarvan er velen trouw blijven komen.

Klik hieronder op de afbeelding voor een foto-impressie (Dit is een facebook link, echter je hoeft geen account te hebben van facebook om deze impressie te kunnen zien!)

This content is blocked. Accept cookies to view the content.


 

André Brockbernd