Dokan Budo Foundation Nieuwsflits

In deze editie juni 2018 nr: 12


  • 20 jaar onderwerg
  • Tokon perikelen
  • Van wit naar zwart in een jaar of 10
  • Mijn karateweg bij Dokan
  • Stage primeur
  • Meer dan alleen een diploma
  • Dokan, het (t)huis der Dokanezen
  • Mijn tenen vroren er zowat af
  • Bruilof eigenlijk een Dokan feestje

20 jaar onderweg

In 1998 startten Sandra en ik een groot avontuur met het op richten van de karateschool Dokan. Vele trainingen in onze geliefde dojo volgden. Het allerbelangrijkste was plezier en continuïteit en ik denk dat we daar goed in zijn geslaagd. Dokan is in karateland niet meer weg te denken, het is een budoschool waar plaats is voor iedereen die dat wil. En het willen is in dit geval leren en trainen. Sommigen doen dat veel en regelmatig en anderen doen dat in mindere maten. In de afgelopen 20 jaar is één keer een training niet doorgegaan wegens grote sneeuwval.
Aandacht voor iedereen is ons leesgeefmotto. Ieder mens is anders en uniek op zijn eigen manier. Dokan staat garant voor kwaliteit omdat wij oog hebben voor de diversiteit. We geven ruimte aan een ieder om op zijn niveau en tempo te leren. We proberen iedereen, ongeacht niveau en talent, met de aangerijkte lesstof een uitdaging te geven zodat iedereen het maximale uit zichzelf weet te halen. We zijn geen sportschool maar een echte dojo waar men elkaar met respect behandelt. We hebben in de afgelopen 20 jaar een stevige basis gelegd met onze school. En de toekomst….wie zal het zeggen? Voorlopig gaan we door, zolang dat nog kan, want budo heeft geen begin en geen einde.

Deze jubileumuitgave staat vol met mooie herinneringen die door een aantal leden met ons zijn gedeeld. Lees ze allemaal, glimlach en ga lekker verder met trainen.

We vonden het jubileumfeest geweldig en we danken iedereen voor de complimenten, felicitaties, cadeaus maar vooral voor de hartverwarmende gesprekken.

Sandra en André Brockbernd


Tokon perikelen

Herinneringen door Sandra Brockbernd

Tussen de verhalen van de leden over herinneringen aan Dokan kan een verhaal van mij natuurlijk niet ontbreken. Dit lezen jullie nu in een nieuwsbrief, met een mooie lay-out waarin alles geplakt kan worden. We zijn echter begonnen op papier met de Tokon, in Word 97 in 1999. Waar we in WordPerfect nog enigszins van opmaak konden spreken was dit in Word 97 ver te zoeken. Stond eindelijk alles op de plek zoals we het (ongeveer) wilden hebben, was het alweer verschoven voordat we het hadden kunnen opslaan. André en Jean-Pierre deden de opmaak samen, vaak na werktijd, even eten met elkaar en dan aan de slag tot in de late (of vroege) uurtjes.

Toen de eerste Tokon een feit was, werd de Tokon thuis geprint en kwamen de redactieleden en onze buren bij ons om hem in elkaar te zetten. Alle pagina’s op stapeltjes op onze eettafel en salontafel en vervolgens achter elkaar aanlopend een blaadje pakken tot we een volledige Tokon te pakken hadden waar we vervolgens twee nietjes doorheen deden. Gelukkig had Jean-Pierre een elektrische nietmachine van zijn werk meegenomen.

Het voordeel van met computers werken is dat je ook op afstand met elkaar kan werken…..dat bleek voor de Tokon toch niet helemaal op te gaan. Als de een iets had opgemaakt en dat naar de ander stuurde ter controle, overleg of als idee, dan kwam het bijna nooit zo aan als het bedoeld was. Tekst compleet verschoven, tekst door foto’s, foto’s verdwenen, enz. Het idee van op afstand samenwerken was tijdsbesparing maar in de praktijk bleek het meer tijd te kosten, en dan heb ik het nog niet over de frustraties die het allemaal opleverde. Dit moest anders kunnen, en zo werd InDesign aangeschaft, een echt desktop publishing-programma. Waar je nu vrijwel alles op YouTube kan vinden, moesten de heren dit zo’n 14 jaar geleden allemaal zelf uitvinden. In de zomer van 2004 beten ze zich vast in de werking van dit programma, met een klein beetje hulp van Vincent, zodat de eerstvolgende Tokon die in oktober zou verschijnen in dit programma opgemaakt zou kunnen worden. Ik weet nog dat ze vol enthousiasme naar beneden kwamen; ‘kom eens kijken, we kunnen lijntjes trekken!’ Ik mee naar boven; ‘kijk dan doen we zo en zo en dan is er een lijntje bij…..eh…..waar is die nou?’

Dankzij hun doorzettingsvermogen en vele uurtjes noeste arbeid hebben ze het programma onder de knie gekregen, zelfs zo goed dat we de Tokon konden laten drukken. De lay-out werd steeds verder verfijnd, de Tokon werd Tokon Magazine.

Nu sinds een paar jaar hebben we de digitale Tokon nieuwsbrief, papier en kosten besparend, en nog altijd even interessant.


Van wit naar zwart in een jaar of 10

Herinneringen door Edwin Weber
Ik heb het nog eens nagekeken, ik heb er op de kop af 10 jaar over gedaan om van de witte band naar 1e dan te komen. Dat is niet erg snel, zo nu en dan kon ik een periode niet vaak genoeg trainen om grote vooruitgang te boeken. Toegegeven, als je aan een zeer getalenteerde karateka denkt, die moeiteloos en soepel alle kata’s vooruit en achteruit loopt, dan kom je niet bij mij uit. Maar met genoeg training en inzet kan je als ‘werker’ dus wel degelijk je zwarte band halen.

Zo’n jaar waarin je je voorbereidt op het 1e dan examen is wel bijzonder. Je bent met een aantal mensen tegelijk aan die tocht bezig en dat schept een band. Bovendien is het een extra stok achter de deur om te komen trainen, je maatjes rekenen er immers ook op dat je komt. In die periode is het een groot voordeel dat de lesgevers bij Dokan didactisch zeer vaardig zijn en hun ‘pappenheimers’ kennen. Net als je denkt ‘zo, deze training gaat wel erg lekker’, dan worden er wel wat punten uitgepikt die helemaal niet zo goed gaan, en als je denkt ‘nou, dat wordt dus helemaal niks’, dan wordt er juist iets benadrukt dat wel goed gaat. Kort gezegd: een schop onder je kont of een schouderklopje, allebei op het moment dat het de meeste impact heeft.

Als je dan een dangraad gehaald hebt sta je achter aan in de groep waartoe je dan behoort. Net als wanneer je van de middelbare school een vervolgstudie gaat doen. Je gaat van ‘ hoogste’ in je oude categorie naar ‘eerstejaars’ in de nieuwe. En dan kan je beginnen met observeren wat de hogere dangraden anders doen dan jezelf en dan proberen dat ook zo te doen. Dat zal nooit helemaal lukken als je als recreatief karateka 2 keer in de week traint. Daar wordt je echt geen 5e dan mee. Bepaalde dingen zullen dan ook ‘onbereikbaar’ blijven, maar dat is helemaal niet erg, je kan ook gewoon genieten van het ‘uitzicht’ op die hogere niveaus als anderen dat laten zien. Ik vergelijk het wel met bergwandelen. In de zomer loop ik huttentochten in de Alpen, inclusief zo nu en dan aan een touw aan ijzerdraden hangen. Wij zullen nooit op de top van de Mont Blanc staan (het echte klimmen), maar komen wel op hoogtes waarop we ons daarvan een voorstelling kunnen maken.


Een mooie herinnering

In de 12 jaar dat ik lid ben maak je van alles mee, maar de 2 mooiste momenten zijn voor mij het slagen voor de zwarte band en een verloren gevecht. Jaren geleden, tijdens een clubkampioenschap, mocht ik als groene-bander bij het shiai aantreden tegen Mervyn. Die was een klasse of 8 beter dan ik, dus het stond wel vast dat ik dat niet ging winnen. Dat gebeurde dan ook niet, maar ik hield er wel een goed gevoel aan over. Ik was daar toch maar gaan staan, was niet bang en heb mijn huid duur verkocht. Zo’n moment waarop je jezelf overwint is goed om weer eens aan terug te denken als het even wat minder gaat. Dan kan je weer vooruit, de rug recht en de kop omhoog. Plezier houden in karate: het is ook nooit goed, en dat is nu precies de grap!

Hoe goed je ook denkt dat je het doet, helemaal perfect is het nooit. Op elk niveau is er wel iets dat beter kan of moet. Een stand of ritme in een kata, een stoot waarbij de heupen niet genoeg ingedraaid zijn, etc. Om karate leuk te blijven vinden is de sleutel voor mij: zie dat juist als de lol van karate. Er is dus altijd iets om op te trainen, je zwakkere punten, maar ook het verbeteren van je sterke punten. Op die manier pik je elke les weer wat op waarmee je aan de gang kan.

En zo kan je karate een leven lang met plezier doen.


Mijn karateweg bij Dokan

Herinneringen door Lotte Woittiez
Lieve (oud)-Dokanezen,
Hoewel het meer dan 20 jaar geleden is en ik maar 12 jaar oud was weet ik het nog goed: de allereerste karateles bij Dokan. Ik had eigenlijk niet specifiek interesse in karate, maar ik was wel in between sports nadat ik het turnen en het jazzballet vaarwel had gezegd. Mijn beste vriendinnetje, die ooit judo had gedaan, zei op een dag: “Er is een nieuwe karateclub in Zeist waar je proeflessen kunt doen, dus ik ga het eens proberen. Ga je mee?” Ik dacht: waarom niet! En daar gingen we. Ook toen al waren de lessen in de gymzaal van het Herman Jordan, en ik weet nog hoe we de zaal binnen kwamen en daar werden opgewacht door twee zeer indrukwekkende ‘meesters’, die zich voorstelden als André en Vincent. Spannend was het! We waren met vijf volwassenen en zeven kinderen, als ik me niet vergis, waarvan twee jongens met blauwe banden (daar keken we enorm tegenop!) die les kregen van Sandra. André en Vincent gaven afwisselend les aan de witte banders. Aan de lessen heb ik nog maar weinig herinneringen, maar wat me nog bijstaat is de spierpijn van het staan in die vreselijk moeilijke standen, en het aanleren van de trappen in slow-motion, liefst zonder om te vallen. Zwaar was het, maar ook ontzettend leuk!

Ik las eens op Facebook de mooie uitspraak: “A black belt is a white belt who never gave up”. Zo was het ook voor mij. Al mijn medeleerlingen stopten, en vele nieuwe leerlingen kwamen ervoor in de plaats, maar ik ging gewoon door. Het karate gaf me zelfvertrouwen en daagde me uit; iets wat school lang niet altijd deed. Als jeugdleerling ‘consumeerde’ ik de lessen: ik trainde aan het begin eens per week en later twee, probeerde te doen wat André en Vincent (en later Shagawan en Mervin) me zeiden, leerde de vormpjes, en ging dan weer naar huis. Pas toen ik eenmaal mijn bruine band had (voor het examen moest ik met alle zwartebanders sparren; dat weet ik nog heel goed!) werd het anders. Ik verhuisde naar Wageningen om te gaan studeren, ging meerijden met Tom en Daniël (beide dangraadhouders) en mocht mee gaan doen aan de zwartebandertraining. Toen begon het karate meer te worden dan een oefening in de les; het werd iets van mezelf, iets persoonlijks. Dokan was een enorm stimulerende school. Ik stond wekelijks als jong bruin bandertje tussen een stuk of tien oudere mannelijke zwartebanders te trainen, dus lui zijn of de kantjes eraf lopen was geen optie. In de auto van en naar Wageningen praatte ik met Tom en Daniël over karate en luisterden we naar hardrock.

Ik haalde mijn zwarte band, maar van ophouden was geen sprake. Sterker nog: er ging een wereld voor me open. Stages (Jaap Smaal, Dirk Heene), budo-island, spartrainingen van Rob, avondjes in DoCats: het was een geweldige periode! Om me heen stopten mensen en kwamen er nieuwe mensen bij; de auto met Tom en Daniël werd een bus; later weer een auto (met Tomas); nog later een vouwfiets-trein-vouwfiets; en nu is het weer een auto, soms met Marijke en soms met mezelf. Dokan is ook veranderd, maar Sensei André is gebleven, en we doen nog steeds geweldig karate van hoog niveau. Ikzelf ben gaan reizen en ik heb geproefd van karate op andere scholen: ik heb getraind in Zimbabwe, Zwitserland, Canada, Indonesië, en een keertje op het dak van een flatgebouw in Singapore. Waar ik ook kom, ik maak altijd indruk met de kata bunkai’s en de kumitevormen die ik van André heb geleerd, en met de harde, snelle en precieze technieken die ik bij Dokan heb getraind.

Twintig jaar Dokan-herinneringen, dat is voor mij iets geweldig moois! Het karate is een way of life, en die weg is zo groot of klein als je hem zelf wilt maken. Mijn karateweg is onlosmakelijk verbonden met Dokan en met André, en ik prijs me enorm gelukkig dat ik al zo lang van de kennis en kunde van André heb mogen leren; dat heeft mijn karateweg tot een weg van grote kwaliteit gemaakt.

Twintig jaar karate van Dokan: reden voor een feestje!


Stage primeur

Herinneringen door Sandra Brockbernd
Zoals jullie weten, organiseert Dokan regelmatig stages met nationale en internationale trainers. Wat een aantal van jullie waarschijnlijk niet weet is dat Dokan de algehele primeur had van een memorabele kumite stage. Sensei Jaap Smaal is sinds het begin van Dokan een regelmatig terugkerende gast met uitstekende vaardigheden en lesgeverskwaliteiten. En laat deze zelfde Sensei nou ook twee zoons, René en Eric, hebben die al in hun jonge jaren zeer verdienstelijke resultaten behaalden tijdens nationale en internationale kumite-wedstrijden.

Binnen de club van Sensei Jaap gaven ze al kumite-training, maar een echte stage hadden ze nog nooit gegeven. André en Jaap vonden dat het misschien tijd werd dat dat eens ging gebeuren. Er werd een datum geprikt en het drietal Smaal kwam op zondagochtend 7 maart 2004 in onze dojo. Er hing een gezonde spanning, van ons omdat we niet wisten wat we konden verwachten, we zijn geen echte kumite-school, en van de heren Smaal want lesgeven in een andere dojo was toch best wel een beetje spannend.

Als dartele jonge honden begonnen ze met een al even dartele warming-up en wij dartelden vrolijk mee. Daarna begon de training waarin René het voortouw nam. Ons zweet vloeide rijkelijk en naarmate de training vorderde begon de een na de ander moeilijker te lopen dankzij de blaren die op de meest wonderlijk plekken onder onze voeten ontstonden, en die indrukwekkende afmetingen aannamen. Ik had er bijvoorbeeld eentje van twee bij vier centimeter onder mijn hak. Als echte Smaals wisten ze van enthousiasme het einde van de training niet te vinden, en toen er toch afgerond ging worden, werd het laatste restje energie er in een afsluitende oefening nog even uitgeperst. Jaap kon trots zijn.

De volgende dag hadden wij weer onze eigen reguliere training. Degenen die de dag ervoor mee hadden gedaan aan de kumite-training kon je er zo uithalen. Iedereen liep op eieren door de pijnlijke voeten, maar wel met een brede glimlach naar elkaar. Wij hadden het toch maar ‘even’ gedaan en je voelde een soort verbondenheid met elkaar dankzij de blaren waar we toch eigenlijk wel een beetje trots op waren. Degenen die normaal konden lopen, hadden dus niet meegetraind, hoorden er even wat minder bij.

René geeft inmiddels al jaren stages maar de allereerste was bij Dokan, daar mogen we best trots op zijn!


Meer dan alleen een diploma.

Herinneringen door Franc Magneé
In 2004 was het (geloof ik) dat binnen de Shotokan scholen werd afgesproken dat een Sensei in zijn eigen dojo dangraad examens mocht afnemen. Dat lag niet direct in de lijn die op dat moment binnen de dojo speelde bij Dokan naar mijn idee, maar toen ik examen wilde doen voor de eerste dan, bleek dat ik de KBN norm van 5 jaar contributiebetaling niet haalde. Ergens was er een gat ontstaan in het betalen van de contributie en daardoor zou ik geen examen mogen doen. André heeft destijds nog zijn best gedaan binnen het bestuur, maar ook dat mocht niet baten. Regels waren regels en daarom besloot André dat ik examen mocht doen in de dojo van Dokan. Niet alleen met André als examinator, maar ook met niemand minder dan Jaap Smaal. Enerzijds dus super om examen te kunnen doen en tevens ook super spannend om dit examen te moeten doen.

Jaap en André toetsten op allerhande manieren niet alleen de kunde, maar ook de kennis. Het examen liep uiteindelijk (naar mijn idee…) goed en ik behaalde dan ook vol trost mijn eerste dan en de daarbij behorende zwarte band. Als het aankomt op het organiseren en verzorgen van een dergelijk examen dan kan ik oprecht zeggen dat dat altijd voortreffelijk gebeurt. Dat laatste komt dan ook weer tot uitdrukking in het diploma dat ik, naast een zijden zwarte band, in ontvangst mocht nemen.
Een volledig in Japanse stijl uitgewerkt certificaat op rijstpapier en alle bijhorende stempels kreeg ik cadeau. Dit pracht exemplaar heb ik tot de dag van vandaag nog vol trots in huis hangen en menig gast vraagt er bewonderend naar.

Stiekem hoop ik ook altijd dat het inbrekers afweert als ze het zien hangen,
maar dat is slechts bijzaak……

Hoe dan ook, ik ben trots op dit diploma ook al heb ik inmiddels de 2e dan behaald.
Met zeer veel dank voor de inspanning van de lessen, de inspanning van het voorbereiden voor een diploma en de perfectie van het organiseren van een examen in de Dokan dojo.


Dokan, het (t)huis der Dokanezen

Herinneringen door Tomas van Hemert
Een goede herinnering aan Dokan opschrijven…
Ik kan dan eigenlijk al beginnen met de herinnering aan de eerste keer dat ik als bruine bander de dojo van Dokan binnenstapte. Ik was het beoefenen van het Karate-Do begonnen in Leeuwarden, waar ik studeerde. Na die studie verhuisde ik tijdelijk terug naar mijn geboorteplaats, Gorinchem. Ik ben toen opzoek gegaan naar een nieuwe dojo. Aanvankelijk kon ik in Gorinchem en omstreken niet iets vinden waar ik echt enthousiast van werd. Uiteindelijk kwam ik op de website van Dokan uit en dacht “Tja het is dan wel helemaal in Zeist, maar laat ik eens een mailtje sturen met de vraag of ik een keer mee mag trainen.” Ik weet nog steeds niet helemaal precies wat het was, maar die ontmoeting met Dokan maakte mij direct razend enthousiast. Of het nu de mooie houten vloer was, de grote ramen met uitzicht op de bomen, de positieve en fanatieke groep karateka, het Shotokan of de aanpak van Sensei André…. waarschijnlijk was het een combinatie van al deze dingen. Ik was in ieder geval verkocht.

Sinds die tijd heb ik tal van fijne herinneringen verzameld bij, met en door Dokan. Zo kan ik mij nog goed herinneren dat ik voor de eerste keer een stage van Sensei Pascal Lecourt bijwoonde en de spijt die ik had dat ik dat weekend mezelf maar voor slechts één van de twee stagedagen had ingeschreven. Sensei Pascal behandelde het kata Unsu. Ik leerde deze dag de vorm parallel met een geweldige bunkai. Een, voor mij, nieuwe manier van kata aanleren en ik was enorm onder de indruk van het kata, de manier van aanleren en van wat Sensei Pascal liet zien. Hierna hebben er nog veel herinneringen mogen volgen aan stages van Sensei Pascal. In Zeist, maar ook in Luxemburg en in Rouen (Frankrijk).

Deze reisjes waren naast interessante karatetrainingen vooral een goede training voor mijn buikspieren….., van het lachen…
Zo zat ik eens ’s avonds na een dag hard trainen met André op een terrasje aan het Place du Vieux Marché in Rouen. Vlak bij ons stapt er een man in zijn auto en op dat moment laat André een perfecte imitatie van een leeglopende autoband horen. Die man stapte direct weer uit zijn auto en begon in totale verwarring al zijn banden te controleren. Of die keer dat Andre’s imitatie van een blaffende hond in Rouen een hele straat op stelten zette, omdat op zo’n beetje elk balkonnetje een hond begon terug te blaffen.

De beste herinnering aan Dokan slaat terug op waar ik mee begon: De Dokanezen zelf! Als Dokanees hoor je bij een groep enthousiaste, positieve en fanatieke mensen die samen hard trainen en tegelijk veel plezier hebben. Een groep waar je gecontroleerd en veilig kan leren. Een groep waar respect en kwaliteit hoog in het vaandel staan. We zijn allemaal onderdeel van een grote Karate-Do familieboom. Het is altijd leuk om andere takken van deze boom te verkennen, maar als Dokanees hebben we altijd een mooie dojo en een fijne groep om bij thuis te komen.

Ik ben er trots op om Dokanees te mogen zijn en kijk uit naar alle nog te maken herinneringen in de komende 20 jaar.


Mijn tenen vroren er zowat af.

Herinneringen door Elvira Boere
Toen Sensei André ons vroeg om een bijzondere ervaring of herinnering te beschrijven, kwamen er zo veel in me op dat ik er amper een keuze uit kon maken. Als eerste dacht ik terug aan mijn dangraad-examen in december 2005: de vloer in de dojo was toen zó koud dat mijn tenen er zowat van afvroren. Die van mijn examenpartners overigens ook. Door de goede voorbereiding lukte het desondanks toch om het examen met goed gevolg af te leggen. Een andere herinnering die volgde was die aan de kata-trainingen die we rond diezelfde periode naast de reguliere trainingen hadden.

Samen met Lotte, Anke en Remi trainden we team-kata, onder meer Heian Nidan en Kanku-Dai, onder leiding van Sensei André en Sensei Vincent. Het was erg leuk om als team progressie te maken; ik heb daar veel van geleerd. Mijn herinneringen zijn daarnaast doorspekt met de vele inspirerende stages en met meerdere gezellige seizoensafsluitingen.

Herinneren heeft vaak te maken met terugkijken naar dat wat geweest is. Maar er is ook iets wat zowel in het verleden als in het hier-en-nu ligt en dat is de solide basis die gevormd wordt door de inspirerende en leerzame trainingen van Sensei André. Hij heeft zowel oog voor de technische, conditionele en mentale aspecten van karate, als voor de historische en Japanse culturele context waarbinnen het karate zich heeft ontwikkeld. En hij is ook nog eens heel goed in staat zijn kennis en ervaring over te brengen op anderen. Het is daarom een voorrecht om 2x per week bij hem te kunnen trainen.

Sensei André schreef bij zijn 25 jarig karate-jubileum dat Dokan staat voor het trainen om beter te worden en voor het trainen om doelen te verwezenlijken. Dat is iets wat ik wekelijks ervaar en ik hoop dat wij Dokanezen nog heel veel van hem mogen leren, onderweg ieder op ons eigen pad.

Gefeliciteerd met deze mijlpaal!!


Bruiloft eigenlijk een Dokan feestje.

Herinneringen door Franc Magneé
Op 7 juni 2008 zijn Anja (mijn vrouw) en ik getrouwd. Het was een extreem zonnige dag met ruim 30 graden op de thermometer. Na een hele plechtigheid in het gemeentehuis stonden uiteraard ook een diner en een groot feest op de agenda. Aan beide hebben Dokan en haar leden een onvergetelijke bijdrage geleverd.

Het feest was namelijk niet in een feestzaal, maar we hadden de binnenbak van Manege de Treekhoeve kunnen regelen als basis voor de feestlocatie.
Om die bak om te toveren tot feestzaal heeft Jan van Rijswijk (dangraadhouder en destijds actief lid) alle spullen aangeleverd. Jan heeft namelijk een party catering verhuur bedrijf en dus kwam er een volledige oplegger met materiaal naar de manage. Bars, statafels, eettafels, tap installaties, palmbomen, planten, lampen en nog veel meer.

Voor het eten wilden wij geen standaard catering, maar iets dat bij ons paste en wat extreem goed moest zijn. Hier kwam Rob Groenewegen (dangraadhouder en destijds ook actief lid van Dokan) om de hoek kijken. Rob heeft een slagerij en organiseert daarnaast ook nog eens barbecue catering op zeer hoog niveau. Hiervan hadden wij namelijk al meerdere keren mogen genieten tijdens de jaarlijkse Dokan barbecue. Ik noem Rob altijd een echte chef kok met een Barbecue als kookplaat.
Het eten was dan ook voortreffelijk.

Voor het feest waren uiteraard alle zwarte banden uitgenodigd en dat heb ik tijdens het feest ook nog eens mogen ervaren. André had voor de gelegenheid samen met alle zwarte banden een demonstratie voorbereid. Het was een geweldig spektakel en voor vandaag de dag hebben familie en vrienden het hier nog steeds over. Aan het einde van de demonstratie werd ik zelf echter ook even te grazen genomen. Ik mocht in mijn prachtige nieuwe trouwpak te midden van alle zwarte banden komen staan, die at random aanvallen begonnen uit te voeren. Uiteraard zat er niks anders op dan uit volle macht de aanvallen te pareren. Mijn trouwpak zat daarna niet meer helemaal in de plooi, maar had het wel prima overleefd.

Zo werd onze bruiloft eigenlijk best een beetje een Dokan feestje met heel veel dank aan Jan, Rob en André en alle zwarte banden die er destijds bij waren.



 

De nieuwsbrief is verzonden aan: *|FNAME|* *|LNAME|*
met het e-mailadres: *|EMAIL|*
Klik hier wanneer u de Nieuwsflits niet meer wilt ontvangen.

Wordt deze e-mail niet correct weergegeven? Bekijk het in de browser